Naar een lerende infrastructuur van de arbeidsmarkt

Door de technologische ontwikkelingen en digitalisering zullen de komende tijd veel banen veranderen of verdwijnen. Door de coronacrisis zijn veel banen (tijdelijk) verloren gegaan, terwijl er in andere sectoren - zoals de zorg, de techniek en de logistiek - nog altijd grote personeelstekorten zijn. Met als gevolg dat honderdduizenden mensen, met de nodige om- of bijscholing, geholpen moeten worden naar ander werk.

De ABU (Algemene Bond Uitzendondernemingen), belangrijke speler op de arbeidsmarkt, vroeg zich hierom af: is er ruimte voor verbetering van de infrastructuur van de arbeidsmarkt en hoe zou die er uit kunnen zien? In opdracht van ABU hebben we vervolgens de publicatie Naar een lerende infrastructuur van de arbeidsmarkt gemaakt. Deze is vrijdag 11 juni aangeboden aan Carsten Herstel, directeur-generaal ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Fotograaf: Arjan Broek
Vlnr: Jurriën Koops, directeur ABU, Carsten Herstel, directeur-generaal ministerie SZW en Abel d’Ailly, onderzoeker Argumentenfabriek

In deze studie worden de drie componenten waaruit de arbeidsmarktinfrastructuur bestaat beschreven: de private, de sectorale, en de publieke/regionale structuur. Vervolgens worden van elk van de drie de sterke en zwakke punten geanalyseerd. De private arbeidsmarktinfrastructuur bijvoorbeeld, heeft veruit het grootste aandeel in transities op de arbeidsmarkt. Transities gaan hier doorgaans van-werk-naar-werk. Een van de zwaktes van de marktstructuur is dat hij niet van zichzelf in staat is mensen met een zwakke arbeidsmarktpositie aan werk te helpen. De publieke arbeidsinfrastructuur is hiervoor bedoeld, maar die heeft te maken met wild schommelende re-integratiebudgetten, uiteenlopende wetgeving en onduidelijke governance.

In de publicatie wordt vervolgens het succes van de arbeidsmarktinfrastructuur afgemeten aan vier publieke doelen:

Doel 1: De arbeidsmarktinfrastructuur moet bijdragen een betere allocatie van arbeid, kwantitatief én kwalitatief;

Doel 2: De arbeidsmarktinfrastructuur moet bijdragen aan lagere vermijdbare uitkeringslasten;

Doel 3: De arbeidsmarktinfrastructuur moet bijdragen aan adequate scholing van de (werkende en werkloze) beroepsbevolking;

Doel 4: De arbeidsmarktinfrastructuur moet bijdragen aan een rechtvaardigere arbeidsmarkt, waarbij rechtvaardigheid op verschillende manieren kan worden ingevuld.

In het slothoofdstuk van de studie worden drie routes voor verbetering van de arbeidsmarktinfrastructuur verkend. De conclusie is dat ‘pure’ markt- of overheidsoplossingen onvoldoende verbeteringen brengen. De beste weg voorwaarts is een mix van private en publieke oplossingen. Ben je benieuwd naar deze oplossingen en wil je de gehele studie brodevol heldere visualisaties lezen? Deze kun je hier downloaden.

Meer weten?

Neem dan contact op met Abel d’Ailly. Neem ook eens een kijkje bij onze sector Werk en inkomen.