De taal van de Miljoenennota

Het lezen van de Miljoenennota is een paradoxale ervaring: de nota is exact én wollig tegelijkertijd. Exact omdat beleidsmaatregelen in cijfers zijn weergegeven; en wollig omdat de nota bol staat van vage formuleringen en jargon. Suzanne Weusten gaat zo’n vage passage te lijf met het gereedschap ‘Concreter is beter’ van de Denkacademie, zin voor zin, om te kijken wat anders en duidelijker kan.

Onder de kop Het kabinet verbetert met verschillende maatregelen de koopkracht van kwetsbare groepen (pagina 19) staat de volgende toelichting:

“Zo wordt de afbouw van de dubbele algemene heffingskorting in de bijstand getemporiseerd, wat een positief effect heeft op de inkomens van de sociale minima.”

Deze zin is vooral moeilijk omdat er jargon in staat, zoals het begrip ‘dubbele algemene heffingskorting’, die ook nog eens getemporiseerd wordt afgebouwd. Wat betekent temporiseren hier? In hoeveel tijd wordt er afgebouwd, en hoeveel eigenlijk?  En wat betekent positief effect? Gaan de sociale minima erop vooruit? En wie zijn de sociale minima?

“Ook worden de zorgtoeslag en het kindgebonden budget verhoogd om gezinnen met lagere inkomens tegemoet te komen.”

Zorgtoeslag en kindgebonden budget zijn weliswaar abstracte begrippen, maar we hebben er wel een beeld bij. Interessanter is het om te weten met hoeveel de zorgtoeslag en kindgebonden budget wordt verhoogd. We kunnen dat wel opzoeken, maar het ontbreken van de informatie maakt de tekst vaag. En wat wordt bedoeld met lagere inkomens? Sociale minima? Kwetsbare groepen?

“Om gepensioneerden verder te ondersteunen wordt de ouderenkorting verhoogd.”

Het woordje ‘verder’ is onduidelijk. Worden ze al ondersteund? En zo ja hoe dan? De ouderenkorting is jargon, maar ook hier is het interessanter om te weten hoeveel korting. En ook hier geldt dat we dat wel kunnen opzoeken, maar het ontbreken van de informatie maakt de tekst vaag.

“Voor de koopkrachtreparatie is 366 miljoen euro beschikbaar vanuit het streven naar een constante lastenontwikkeling (compensatie hogere zorgpremies).”

Gaat deze zin over de reparatie van de koopkracht van iedere burger? Of alleen over de reparatie van de koopkracht van kwetsbare groepen? En wie streeft naar een constante lastenontwikkeling? En waarom staat ‘compensatie hogere zorgpremies’ tussen haakjes? Compensatie voor wie?

Conclusie

De alinea over de koopkracht van kwetsbare groepen roept meer vragen op dan ze beantwoordt.

Wat kunnen de schrijvers van de Miljoenennota eraan doen?

  1. gebruik geen jargon, en geen vage woorden zoals temporiseren
  2. definieer van tevoren termen als ‘kwetsbare groepen’, ‘sociale minima’, ‘lagere inkomens’
  3. maak woorden waar een oordeel in zit – zoals ‘positief’ – concreet en beargumenteer hoe je bij dit oordeel komt.
  4. gebruik niet te veel abstracte begrippen zoals ‘lastenontwikkeling’ of ‘compensatie’. Het maakt de tekst moeilijk leesbaar en onduidelijk.